nod nod
Google Zoek in het WWW. Zoek in deze site.
Twee opmerkingen vooraf: 1. Deze website maakt geen gebruik van cookies. 2. Gebruikers van een iPad, iPhone, smartphone of een soortgelijke vorm van mobiel internet: bekijk deze pagina op deze manier, voor een maximale breedte van het beeld.
 

 Humanisme: een stank uit de hel.

Inleiding.
Voor zover ik me kan herinneren is het, op het moment van schrijven, alweer meer dan een jaar geleden dat ik tijdens mijn speurtochten op het internet een preek op het spoor kwam die als mp3 bestand beluisterd kon worden. Het bleek om een enige tientallen jaren oude bandopname te gaan van een preek van een zekere Paris Reidhead, een Amerikaanse voorganger/prediker/zendeling, van wie ik destijds nog nooit had gehoord. Dat was uiteraard te verwachten want van alle mensen die de aardbodem bevolken ken ik (begrijpelijkerwijze) verreweg de meeste absoluut niet. De genoemde prediker was daar tot dan toe één van. Maar dat is verder bijzaak. Wel belangrijk is de boodschap die hij bracht. Alhoewel de bewuste preek mij bijzonder aansprak kwam het er niet van om er iets mee te doen. Er waren namelijk ook nog andere onderwerpen die hun plaats zouden krijgen op deze website. En zoals dat iedereen wel eens overkomt: van uitstel komt (vaak) afstel. Zo had het in dit geval ook kunnen lopen, ware het niet dat deze preek onverwacht opnieuw mijn (digitale) pad kruiste. En ditmaal was het mij meteen duidelijk dat ik er iets mee moest gaan doen.
 

De grote weldoener.

In de bijbel lezen wij dat er in de eindtijd een grote afval zal plaatsvinden onder de kinderen Gods. Velen laten zich of zullen zich nog laten misleiden door leringen van boze geesten, leringen die aangenaam klinken omdat zij de mens in het middelpunt plaatsen. Een middelpunt waar omheen die goede God zich mag opstellen als de grote weldoener, die het de mens als een hemelse Sinterklaas in alles naar de zin mag maken. Omdat de satan precies weet waarmee hij de mens kan verleiden tot een egocentrische instelling was het te verwachten dat massa's halfslachtige kinderen Gods in deze val zouden trappen.

Want een feit is dat door één van de sluwste en best gecamoufleerde leringen van boze geesten (die rechtstreeks vanuit de diepten van de hel is uitgebraakt over het “christendom”) al tientallen jaren een geestelijke slachting is aangericht onder kinderen Gods. Deze lering kennen wij als het humanisme: een goddeloze levensfilosofie die de mens in het middelpunt zet en óf van God een mythe maakt óf van Hem een weldoener maakt die uitsluitend bestaat om de mens op zijn wenken te bedienen. Onder diverse namen en in de vorm van telkens weer aangepaste methoden en programma's is dit humanisme kerk en gemeente binnengedrongen. Als de stank uit een beerput die alles doordringt. In dit geval gaat het echter om een stank uit de beerput van de hel.

En daarom is de boodschap van deze preek een zeldzaam duidelijke en van Gods Geest ingegeven waarschuwing aan kinderen Gods. In het bijzonder aan hen die zich hebben laten meeslepen door dit binnengedrongen humanisme. Want dat is namelijk waar het in deze preek over gaat, onder de titel: Ten shekels and a shirt. Het is verder opmerkelijk dat sinds deze waarschuwing van God (aan de gemeente van Christus wereldwijd) halverwege de jaren 1960 werd uitgesproken, dit satanische humanisme zich als een kankergezwel heeft uitgebreid binnen het “christendom”. Met als gevolg dat er sindsdien meerdere varianten van dit “christelijke” humanisme zijn bijgekomen. De satan had en heeft er duidelijk haast mee om nog een zo groot mogelijke slachting aan te richten onder de kinderen Gods. Ik voel mij niet geroepen om de preek verder nog toe te lichten. Deze boodschap, die zichzelf toelicht, kun je overigens in de vorm van de hieronder staande video (waarin ik wat passende plaatjes heb toegevoegd plus een Nederlandse ondertiteling) beluisteren/bekijken. Of je kunt de tekst ervan gewoon lezen, je vindt de uitgetypte tekst verderop op deze pagina.

 

Enkele hedendaagse varianten.

Wat ik nog wel vooraf kwijt wil zijn enkele namen. Namen die staan voor enkele van de hedendaagse varianten van het “christelijke” humanisme. Want mocht je graag eerst nog even willen weten waar wij het nu over hebben dan zullen de nu volgende namen van enkele predikers/evangelisten/voorgangers (of waar ze verder nog voor moeten doorgaan) wellicht een zucht van herkenning oproepen. Het betreft (onder vele anderen):
 

Deze korte opsomming laat zien dat het “christelijke” humanisme zonder moeite meerdere vormen en varianten kan aannemen. Zodat voor vrijwel iedere christelijke stroming wel een versie van deze lering van boze geesten op de kelderplanken van de hel klaarligt. Eenmaal opgehesen naar het aardoppervlak wordt al dit geestelijke vergif via een uitgebreid “distributiesysteem” verder verspreid. Ik denk hierbij aan wat een vrouw eens vertelde die getrouwd was met een man die achteraf een Roomse priester bleek te zijn. Geregeld was hij maandenlang van huis totdat ze er uiteindelijk achter kwam dat hij in dienst van Rome stond. In een vlaag van arrogantie liet deze man zich eens ontvallen: “Wij (de RK kerk) leiden en besturen alle kerken”. En met die kerken bedoelde hij ook alle Protestantse kerken, inclusief de kerken en gemeenten binnen het Protestantse christendom die door de bovengenoemde heren (met al hun humanistische praatjes) al geruime tijd zijn gehersenspoeld. De gruwelijke realiteit is dan ook dat, zoals deze Roomse priester al liet doorschemeren, de Roomse (en occulte) Jezuïetenorde via de door hen bestuurde Vrijmetselarij, en de daaruit voortgekomen New Age beweging, al vele tientallen jaren de aanval heeft ingezet op de uitbreiding van het Koninkrijk Gods op aarde. Hun wapen is het “christelijke” humanisme, dat als één van hun New Age wapens wordt ingezet om de grote massa binnen het christendom te laten geloven dat zij het middelpunt van het universum zijn. Het humanisme komt daarom ook voor in de piramidestructuur van de Vrijmetselarij. Massa's kerken en gemeenten worden zodoende van binnenuit uitgehold.
Wie nog op tijd aan de klauwen van de hel wil ontkomen heeft er nu dus weer een dringende reden bij gekregen om de boodschap van Ten shekels and a shirt ter harte te nemen
.

Verbeterde geluidskwaliteit.

Een technisch detail tot slot: doordat deze preek als mp3 bestand gedownload kon worden was door de toegepaste compressie van het mp3 bestand de geluidskwaliteit matig. Dat laatste zal ongetwijfeld mede als oorzaak hebben dat de geluidskwaliteit van de oorspronkelijke bandopname uit de jaren 1960 niet echt voldeed aan wat wij tegenwoordig zijn gewend. Omdat ik deze boodschap (zoals je ondertussen wel zult hebben begrepen) bijzonder belangrijk vind heb ik dan ook getracht de geluidskwaliteit te verbeteren. Met een aanvaardbaar resultaat, ook al voldoet het nog niet aan mijn wensen maar met de middelen die mij ter beschikking staan is dit wel het maximaal haalbare.

Een toelichting op “Ten shekels and a shirt”.

Op de website www.parisreidheadbibleteachingministries.org is een toelichting van Paris Reidhead te vinden op deze speciale preek. Hier volgt de vertaling daarvan:

In ruim vijftig jaar van bijbelonderwijs en prediking is Ten shekels and a shirt de enige boodschap waarvan ik het noodzakelijk acht uit te leggen waarom deze boodschap werd gebracht.

Gedurende een Bethany Fellowship zomer conferentie ergens halverwege de jaren 1960 was ik me aan het voorbereiden om te spreken tijdens het bijbel uur op dinsdagmorgen. Nadat ik terugkwam in mijn kamer na het ontbijt om na te denken en te bidden over de boodschap voor die morgen had ik het vage gevoel dat ik de boodschap die ik had voorbereid voor die morgen niet kon brengen. Ik voelde dat het nodig was om een andere boodschap te brengen.
Na er voor te hebben gebeden was de boodschap die mij in gedachten kwam een die ik slechts in grote lijnen en onvolledig had voorbereid voor de prediking in de gemeente in New York City, waarvan ik in die tijd voorganger was. Ik had mijn aantekeningen niet bij me, die bevonden zich in een map in mijn studeerkamer. Er lag een lege enveloppe op het bureau in mijn kamer en op de achterkant daarvan schreef ik de te lezen Schriftgedeelten plus een of twee ingevingen die me te binnen schoten. Met de enveloppe in mijn bijbel, op de plaats van Richteren 17, en mezelf volkomen afhankelijk wetend van de Heer ging ik naar de zaal, waar tussen de vier- en vijfhonderd mensen zaten te wachten om uit mijn mond een boodschap van de Heer te horen. Ik herinner me dat ik bad: “Ik ben deze morgen volkomen van U afhankelijk omdat ik me niet goed heb kunnen voorbereiden.” In mijn hart leek ik Zijn antwoord te horen: “Wel, je had het slechter kunnen treffen.”

Ik bracht de boodschap en deed een uitnodiging. In korte tijd was de ruimte voor in de zaal gevuld met gebroken mensen die God oprecht zochten. De zomer conferentie was spoedig voorbij en ik keerde terug naar New York City en de gemeente aldaar.

Ongeveer tien jaar later was een van de stafleden van de Bethany Fellowship in Washington, D.C. waar wij ondertussen naartoe waren verhuisd en van waaruit wij nog steeds het Woord brengen. Hij zei me: “Paris, ik wil je laten weten dat God meer dan eens je boodschappen heeft gebruikt, maar deze speciale boodschap is alleen die ene keer gebracht.”
Een week of twee later was Harry Conn uit Rockford, Illinois in Washington. Hij nodigde mij uit om met hem te dineren. Tijdens de maaltijd zij hij terloops: “Ik koop dozijnen exemplaren van die boodschap van jou: 'Ten shekels and a shirt' om ze weg te kunnen geven. God is werkelijk bezig deze boodschap te gebruiken in het leven van mensen.” Mijn reactie was dat als hij er nog een kopie van had, ik er graag een van toegestuurd zou mogen krijgen zodat ik zou kunnen horen wat ik destijds had gezegd. Een paar dagen later arriveerde de geluidscassette.

Omdat ik in mijn kantoor geen bandrecorder heb, stopte ik de band in de Sony dicteermachine op mijn bureau en luisterde via de kleine luidspreker. Vanwege het feit dat het alweer lang geleden was en door het vervormde geluid van de miniatuur luidspreker luisterde ik naar de boodschap zonder dat ik me ervan bewust was wie er sprak. Zo nu en dan had ik de neiging te zeggen: “Dat is waar! Ik wilde wel dat ik dat gezegd had.” Vervolgens drong het tot me door dat het mijn eigen stem was, maar dat God door mij heen sprak. Ik realiseerde me dat op een dinsdagmorgen tijdens een zomerconferentie, God in staat was geweest om Zijn boodschap door te geven dankzij mijn volkomen en complete hulpeloosheid.

Hier is de boodschap, zoals de Heer die mij ingaf,
Paris Reidhead.

 

De tekst van “Ten shekels and a shirt”.

Helaas! Deze video afspelen is niet mogelijk. Vandaag wil ik graag tot u spreken over het onderwerp “Tien zilverstukken en een mantel” zoals we dat vinden in hoofdstuk 17, Richteren hoofdstuk 17. Ik lees het hoofdstuk en vervolgens zal ik een deel uit het 18e hoofdstuk lezen, zodat het achterliggende verhaal ons duidelijk voor ogen staat. “En er was een man uit het gebergte Efraïm wiens naam was Micha.” Even wat achtergrondinformatie, zo u wilt. Daar bestond een situatie waarin de Amorieten de mensen van de stam Dan de toegang tot Jeruzalem weigerden en zij beperkten hun bewegingsvrijheid tot het gebergte Efraïm. Het is een trieste zaak, wanneer het volk van God zich door de wereld in een lastige positie laat dwingen. Dus zij waren niet in staat naar Jeruzalem te gaan. Hierdoor ontstaan de problemen die we gaan zien.

Er was een man uit het gebergte Efraïm, Micha genaamd. Deze zeide tot zijn moeder: De elfhonderd zilverstukken, die u ontvreemd zijn en om welke gij een vervloeking geuit en ook te mijnen aanhoren uitgesproken hebt; Zie, dat geld is in mijn bezit, ik had het weggenomen. En zijn moeder zeide: Gezegend zij mijn zoon door de Here. Daarop gaf hij de elfhonderd zilverstukken aan zijn moeder terug. Maar zijn moeder zeide: Voorwaar, ik heilig dit geld aan de Here en sta het af ten behoeve van mijn zoon om er een gesneden en gegoten beeld van te maken. Nu dan, ik geef het u terug. Toen hij zijn moeder het geld teruggegeven had, nam zij tweehonderd zilverstukken en gaf ze aan een zilversmid, die er een gesneden en gegoten beeld van maakte, dat in het huis van Micha kwam te staan. Deze Micha had namelijk een godshuis. Hij maakte een efod en een terafim, wijdde een zijner zonen en deze werd zijn priester. In die dagen was er geen koning in Israël; ieder deed wat goed was in zijn ogen.

Nu was er een jongeling uit Bethlehem in Juda, uit het geslacht Juda; hij was een Leviet en hij vertoefde daar als vreemdeling. Deze ging uit de stad Bethlehem in Juda weg om te vertoeven waar hij terecht kon; en op zijn tocht kwam hij in het gebergte van Efraïm bij het huis van Micha. Micha zeide tot hem: Vanwaar komt gij? En hij zeide tot hem: Ik ben een Leviet uit Bethlehem in Juda, en ik ga mij vestigen waar ik terecht kan. Toen zeide Micha tot hem: Blijf bij mij en wees mij tot vader en priester; dan zal ik u jaarlijks tien zilverstukken, een stel klederen en leeftocht geven. En de Leviet kwam tot het besluit bij die man te blijven. Deze jongeling werd hem als een van zijn eigen zonen. Micha wijdde de Leviet: de jongeling werd zijn priester en woonde in het huis van Micha. Toen dacht Micha: Nu weet ik, dat de Here mij zal weldoen, omdat ik een Leviet als priester heb. In die dagen was er geen koning in Israël en in die dagen was de stam der Danieten op zoek naar een erfdeel om zich daar te vestigen, want tot die dag was hem te midden der stammen van Israël geen erfdeel toegevallen. Daarom zonden de Danieten vijf mannen uit het gehele geslacht, dappere mannen uit Sora en Estaol, om het land te verspieden en te verkennen. Zij zeiden tot hen: Gaat het land verkennen. Toen dezen nu in het gebergte van Efraïm bij het huis van Micha gekomen waren, overnachtten zij daar. Bij het huis van Micha werden zij opmerkzaam op de tongval van de levitische jongeling, traden naderbij en zeiden tot hem: Wie heeft u hierheen gebracht? Wat doet gij hier en wat voert gij hier uit? En hij zeide tot hen: Zo en zo heeft Micha met mij gedaan; hij heeft mij in dienst genomen en ik ben zijn priester geworden. Zij zeiden tot hem: Vraag God dan, opdat wij weten of de tocht die wij maken, voorspoedig zal zijn. En de priester zeide tot hen: Gaat in vrede! De tocht die gij maakt, is de Here welgevallig.

En nu gaan we naar het laatste deel van hoofdstuk 18, vers 14: Toen namen de vijf mannen, die het gebied van Laïs waren gaan verspieden, het woord en zeiden tot hun stamgenoten: Weet gij, dat er in deze huizen een efod is, terafim, een gesneden en gegoten beeld? Nu dan, weet wat u te doen staat! Daarop sloegen zij daarheen af, kwamen bij het huis van de levitische jongeling, het huis van Micha, en vroegen naar zijn welstand. Terwijl de zeshonderd mannen uit de Danieten, die met krijgswapenen aangegord waren, post vatten bij de ingang van de poort, liepen de vijf mannen, die het land waren gaan verspieden, verder. En binnengekomen, namen zij het gesneden beeld, de efod, de terafim en het gegoten beeld weg. De priester nu stond in de ingang van de poort bij de zeshonderd mannen, die met krijgswapenen waren aangegord. Maar, toen de anderen het huis van Micha binnengegaan waren en het gesneden beeld, de efod, de terafim en het gegoten beeld weggenomen hadden, zeide de priester tot hen: Wat doet gij daar? Zij zeiden echter tot hem: Zwijg en houd uw mond dicht; ga met ons mee en wees onze vader en priester; wat is beter voor u: priester te zijn voor het huis van een man of priester te zijn voor een stam en een geslacht in Israël? Toen werd de priester blij gestemd, hij nam de efod, de terafim en het gesneden beeld en voegde zich bij het volk. En zij keerden om en trokken weg, terwijl zij hun kleine kinderen, het vee en de have voorop deden gaan.

 

Een doe-het-zelf religie.

Wel, dat is het achterliggende verhaal. Dit is geen onderdeel van de werkelijke geschiedenis van de Richters, dit is een verzameling van een aantal verslagen die ons in staat stellen om de sociale toestand in die periode te doorgronden, toen een ieder deed wat goed was in eigen ogen en er geen koning was in Israël. Dus we begrijpen dat Micha niet in staat was om naar Jeruzalem te gaan en wellicht besloot hij vanuit een religieuze beweegreden om op eigen grond een replica van de tempel te bouwen. Dus bouwde hij wat hij dacht dat een passend gebouw zou zijn en maakte hij de gerei van de tabernakel, deze maken deel uit van de uitrusting, de efod hoorde daar ook bij. Maar toen verzamelde hij ook een aantal van de dingen van de mensen om hem heen, de terafim en de afgodsbeelden die God had verboden.

Maar toch was er een wens om er het beste van te maken. Dus nam hij een beetje van de wereld en een beetje van Israël, dat was geopenbaard door God, en hij mengde dat door elkaar, totdat hij iets had waarvan hij dacht dat het misschien de Heer zou welgevallen. Daarna was hij natuurlijk zeer verheugd toen een zwervende jonge prediker uit Bethlehem, in Juda langskwam. Hij was een Leviet, zijn moeder was van de stam van Juda, dus was hijzelf een Leviet. God had aan Mozes toestemming gegeven dat de Levieten zich mochten verzwageren met andere stammen en dat ze mochten toetreden tot de andere stammen.

Dus deze jonge man nam geen genoegen met het levensonderhoud waarin voor elke Leviet was voorzien. Maar hij was reislustig en had een jeukende voet dus hij vertrok om te kijken of hij het misschien beter voor zichzelf zou kunnen regelen. Hij was van mening dat een Leviet zijn een goede zaak was maar er zouden meer kansen mee verbonden moeten zijn, en zo kwam hij terecht bij het huis van Micha. Daar werd hij binnengenodigd en gevraagd om priester te worden. Micha trof een regeling met hem en zei: “U zult mijn priester zijn en dan zal ik u tien zilverstukken en een mantel geven.” We lezen hier: “een pak”, maar u moet weten dat de mensen toen iets droegen wat wel een gelabia genoemd kan worden, een soort lange nachtpon. En hij gaf hem voldoende kleding of een gewaad en voedsel en tien zilverstukken per jaar.

Dit was een redelijk goed leven voor hem, dus hij besloot dat hij zou blijven en zou meedoen aan de mix van afgoderij die aanwezig was in het huis van Micha. Maar de mensen van de stam Dan kwamen langs, ze werden verondersteld de Amorieten te verdrijven maar de Amorieten waren te moeilijk te verdrijven, dus ze wilden iemand vinden die een beetje makkelijker te verdrijven was. En ze kwamen langs Micha's huis en de Leviet vertelde hen om verder te trekken. Vervolgens lezen we dat ze ontdekten dat er mensen volgens de wijze van de Sidoniërs leefden te Laïs. Ze waren vreedzaam en niemand was er om hen te beschermen, dus ze vonden dat dit een goede plaats was om grondgebied voor zichzelf op te eisen. Toen ze kwamen met de mannen die waren gestuurd naar dit gebied om het te veroveren dachten ze dat, omdat zij dit land hadden gevonden dankzij de jonge Leviet, het prachtig zou zijn om van zijn hulp gebruik te maken.

En dus gingen ze het huis van Micha binnen, namen alle dingen die hij had gemaakt mee, en die een flinke hoop geld hadden gekost omdat minstens tweehonderd zilverstukken waren uitgegeven voor dit meubilair. En dus namen ze gewoon alles mee, namen het in bezit en namen de Leviet mee. Dat was een tegenslag voor Micha, maar het is opmerkelijk dat de jonge Leviet in staat was om zich aan te passen. Het was verbazend hoe flexibel hij was en hoe gemakkelijk hij zichzelf aan dergelijke veranderingen kon aanpassen, toen hij een nuchtere berekening voor zichzelf maakte. Hij begon in te zien dat het veel belangrijker was om een hele stam te dienen dan slechts een gezin. En dat hij meerderen van dienst kon zijn. Dat is waarom hij dit een wijs besluit vond en waarom hij het kon rechtvaardigen. Dus zonder gewetensbezwaar kon hij stiekem het meubilair meenemen uit de kleine kapel die Micha had gebouwd. Daarbij was hij ook gewiekst zodat hij in plaats van vooraan, dat hem in gevaar zou kunnen brengen, of achteraan, dat hem ook in gevaar zou kunnen brengen, in het midden van de stoet ging lopen. Zodat wanneer Micha er iemand van zijn bedienden op af zou sturen hij veilig zou zijn met soldaten overal rondom hem.

 

Wat voor de wereld zwak is....

Hoe zouden we dit kunnen noemen en hoe is dit van toepassing op onze generatie? Zou ik er verkeerd aan doen als ik met u zou spreken over winstgevende religie en een opportunistisch christendom? En een nuttige God? Ik wil graag de aandacht vestigen op het feit dat vandaag de dag de heersende filosofie het pragmatisme is. Begrijpt u wat ik bedoel met pragmatisme? Pragmatisme betekent dat als het werkt dan is het waar. Als iets lukt dan is het goed. En het bewijs van alle handelingen, alle principes, alle waarheid, is dat ze werken. Volgens het pragmatisme, zijn de grootste mislukkingen uit het verleden enkele van de mannen die bij God in hoog aanzien stonden.

Noach was bijvoorbeeld een geweldig goede scheepsbouwer, maar zijn belangrijkste bezigheid was niet de scheepsbouw maar preken. Hij was een vreselijke mislukking als prediker. Zijn vrouw en drie kinderen en hun echtgenotes waren alles wat hij had. Slechts zeven bekeerlingen in 120 jaar! Zoiets zou je niet bepaald bijzonder effectief kunnen noemen. De meeste zendingsorganisaties zouden hun zendelingen al lang teruggeroepen hebben. Als scheepsbouwer deed hij het heel goed, maar als prediker was hij een totale mislukking.

En dan komen we vele jaren later bij een andere man met de naam Jeremia. Hij was een toegewijde prediker maar onsuccesvol wat de resultaten betreft. Als u in een statistiek zou moeten weergeven hoe succesvol Jeremia was, zou hij waarschijnlijk een lage waardering krijgen. Want wij zien dat hij bij het volk geen gehoor vond, het koningshuis liet hem vallen en ook zijn medeprofeten waren tegen hem en wilden niets met hem te maken hebben. Alles zat tegen. De enige die hij leek te behagen was.... God, maar voor de rest was hij een overduidelijke mislukking.

En dan komen we bij een ander bekend persoon, de Heer Jezus Christus, die een mislukking was volgens alle gangbare normen. Hij is nooit geslaagd in het oprichten van een kerk of denominatie. Hij was niet in staat om een school te bouwen. Hij slaagde er niet in om een zendingsorganisatie van de grond te krijgen. Er is nooit een boek van hem uitgegeven. Hij is nooit in staat geweest om te voldoen aan diverse criteria die wij zo nuttig vinden. Ik bedoel dit niet sarcastisch, ze zijn inderdaad nuttig. Onze Heer predikte drie jaar, Hij genas duizenden mensen, Hij voedde duizenden mensen, maar aan het eind van zijn bediening waren er slechts 120 tot 500 mensen aan wie Hij zich na Zijn opstanding kon openbaren. En op de dag dat Hij gevangen werd genomen, zei iemand: “Ook als alle anderen U in de steek laten, ben ik bereid voor U te sterven.” Hij keek hem aan en zei: “Petrus je kent je eigen hart niet. Je zult Mij drie keer verloochenen voordat de haan deze morgen zal kraaien.” Dus allen lieten Hem in de steek en vluchtten. Volgens alle maatstaven van welke generatie dan ook was onze Heer een mislukking.

De vraag die gesteld moet worden is deze: “Wat is de maatstaf voor succes en hoe beoordelen wij ons leven en onze evangelisatie?” En de vraag die u uzelf moet stellen is deze: “Is God een einddoel of is hij een hulpmiddel?” U moet uzelf zeer vroeg in uw christelijke leven afvragen of u God ziet als een einddoel of als een hulpmiddel. Onze generatie is bereid iedereen te eren die succesvol is. Ongeacht of ze het probleem hebben opgelost of niet. Zolang een persoon iets voor elkaar kan krijgen of de klus kan klaren is onze generatie bereid om te zeggen: “Met diegene moet je rekening houden.”

En dus moeten we onszelf aan het begin van onze evangelisatie, onze pelgrimstocht en onze wandel afvragen: “Willen wij liever Levieten zijn die God dienen voor tien zilverstukken en een mantel?” Mensen dienen in de naam van God in plaats van God te dienen. Omdat hij een Leviet was en zich bezighield met religieuze activiteiten was hij op zoek naar een thuis dat hem zou erkennen, een thuis dat hem zou aanvaarden, een thuis dat hem zekerheid zou geven, een thuis waar hij zou kunnen schitteren volgens de waarden die zo belangrijk voor hem waren. Zijn hele bezigheid was zijn toewijding aan religieuze activiteiten, dus het moest een religieuze baan zijn. Hij was dus bijzonder blij toen hij ontdekte dat Micha hem een mogelijkheid bood. Maar hij had besloten dat hij tien zilverstukken en een mantel waard was en hij was bereid om zichzelf te verkopen aan iemand die zoveel zou willen geven. Mocht iemand langskomen en meer willen geven dan zou hij zichzelf aan die persoon verkopen. Maar hij had een waarde aan zichzelf toegekend en hij vond dat zijn religieuze diensten en zijn activiteiten slechts een middel waren om iets te bereiken en daarenboven was ook God een hulpmiddel.

 

Opkomst van het humanisme.

Om nu inzicht te krijgen in de gevolgen hiervan in de twintigste eeuw, moeten we minstens zo'n 100 tot 150 jaar teruggaan in de tijd, naar een conflict dat het christendom onder vuur nam. Kort na de grote opwekkingen in Amerika met Finney, toen de Geest van God op een geweldige wijze was uitgestort in bepaalde delen van ons land. Er kwam een open aanval op ons geloof in Europa door de vooraanstaande critici. Darwin had zijn evolutietheorie in de strijd geworpen, bepaalde filosofen hadden deze aangepast aan hun filosofieën en theologen hadden het in hun theologie verweven. Rond het jaar 1850 kon je de start markeren van een frontale aanval op het Woord van God. De satan had het altijd al verraderlijk aangevallen maar nu was het jachtseizoen op het Boek pas echt geopend, het jachtseizoen op de kerk, en Voltaire zou beweren dat hij het nog mee zou maken dat de Bijbel een overblijfsel zou worden, dat alleen nog in musea te vinden zou zijn en dat het volledig vernietigd zou worden door de argumenten die hij er zo fanatiek tegenin bracht.

Wel, wat was het effect hiervan? De heersende filosofie werd het humanisme. Je zou humanisme als volgt kunnen omschrijven: het humanisme is een filosofische verklaring die stelt dat het einddoel van alle dingen het geluk van de mens is. De reden van het bestaan is het geluk van de mens. Nu is volgens het humanisme verlossing gewoon een kwestie van zoveel mogelijk geluk uit het leven halen. Als je beïnvloed bent door iemand zoals Nietzsche die zegt dat de enige echte voldoening in het leven de totale macht is en dat deze macht zichzelf rechtvaardigt en dat uiteindelijk de hele wereld slechts een wildernis is. En het is daarom aan de mens om gelukkig te zijn, om macht te verkrijgen en om die macht te verkrijgen via ieder middel dat hij kan gebruiken. Want het is alleen vanuit deze positie van overwicht of, zoals we gisteravond zagen, in de aanbidding van Moloch dat men gelukkig kan zijn. Dit zou te zijner tijd een Hitler voortbrengen, die de filosofie van Nietzsche als zijn maatstaf en gids zou toepassen en tegen zijn volk zou zeggen: “Wij zijn bestemd om de wereld te regeren en daarom is elk middel dat we kunnen gebruiken om dit te bereiken onze redding”.

Iemand anders komt opdraven en zegt: “Nou nee, de reden voor het bestaan is geluk maar geluk is niet afkomstig van macht over mensen, geluk komt uit sensuele ervaringen.” Zo komen we aan de “pluk de dag mentaliteit” die het hedendaagse Frankrijk kenmerkt en die de losgeslagen jeugdcultuur in Amerika heeft doen ontstaan en de overheersende sensualiteit in ons land. Omdat de mens in wezen een dier zou zijn dat de hoogste momenten van extase beleeft door sterke prikkels. Verlossing is gewoon het vinden van de meest wenselijke manier om aan deze driften toe te geven. En zo werd dit het effect van het humanisme, dat het doel van het bestaan het geluk van de mens is. John Dewey, een Amerikaanse filosoof die grote invloed had op het onderwijs, was in staat om de opvoeders ervan te overtuigen dat er geen absolute waarden bestaan. Kinderen mogen niet worden lastiggevallen met een bepaalde maatstaf, het doel van het onderwijs was alleen om het kind de kans te geven zichzelf te uiten en zich te ontplooien tot wat hij is en om zijn geluk te vinden in dat wat hij wil worden. En zo komen we aan de culturele wetteloosheid, waarin iedereen mag doen wat goed is in zijn eigen ogen en we geen God hebben die over ons heerst. De Bijbel werd niet serieus meer genomen, werd niet toegestaan of werd weerlegd. God werd van Zijn troon gestoten, Hij bestond gewoon niet, Hij had geen persoonlijke relatie met de mens. Jezus Christus was of een mythe of gewoon een mens, volgens hun beweringen, en daarom was alleen geluk nog het einddoel van ons bestaan. Iedereen kon nu voor zichzelf de normen bepalen voor zijn geluk en toevoegen naar eigen smaak.

 

Humanisme binnen het christendom.

Religie moest echter wel blijven bestaan omdat er zo veel mensen zijn die er hun brood mee verdienen, zodat zij een manier moesten vinden om hun bestaan te kunnen rechtvaardigen. Dus in die tijd, zo rond 1850, werd de kerk verdeeld in twee groepen. De ene groep waren de vrijzinnigen, die de filosofie van het humanisme aanvaardden en die probeerden dit tegenover hun generatie geloofwaardig te maken door beweringen als deze: “Ha, ha, wij weten niet of er wel een hemel is. Wij weten niet of er ook een hel is. Maar wij weten dat u zo'n 70 jaar hebt te leven! Wij weten dat er veel voordeel is te halen uit poëzie, uit verheven gedachten en uit nobele ambities. Daarom is het belangrijk voor u om 's zondags naar de kerk te gaan, zodat we u enkele gedichten kunnen voorlezen, zodat we u enkele spreekwoorden kunnen meegeven, grondregels en regels om naar te leven. Wij kunnen niets zeggen over wat er gaat gebeuren wanneer u sterft, maar we garanderen u dit: als u elke week komt en betaalt en ons helpt en bij ons blijft, zetten wij veren onder uw wagen en uw levensreis zal comfortabeler worden. We kunnen niets garanderen over wat er gaat gebeuren wanneer u sterft, maar we garanderen dat als u met ons meegaat, wij u gelukkiger maken terwijl u leeft.” En zo werd dit de kern van de vrijzinnigheid. Het is domweg niets anders dan te proberen door een beetje suiker in de bittere koffie te doen, de levensreis enige tijd te veraangenamen. Meer is het niet.

Welnu, de filosofie hierachter is het humanisme: het einddoel van het leven is het geluk van de mens. Dan is er nog een andere groep mensen die zich hebben met de vrijzinnigen hebben vereenzelvigd, en die wordt gevormd door mijn eigen mensen, de fundamentalisten. Ze zeggen: “Wij geloven in de inspiratie van de Bijbel! Wij geloven in de godheid van Jezus Christus! Wij geloven in de hel! Wij geloven in de hemel! Wij geloven in de dood, begrafenis en opstanding van Christus!” Maar onthoud dat de sfeer die van het humanisme is. En het humanisme zegt dat het einddoel van het leven het geluk van de mens is. Het humanisme is als een stank uit een beerput, het dringt overal in door. Het humanisme is als een infectie, een epidemie, het breidt zich voortdurend uit.

Dus het duurde niet lang totdat we de situatie hadden dat de fundamentalisten elkaar herkenden omdat zij zeiden: “Wij geloven in deze dingen!” Zij waren meestal mensen die God kenden. Maar het duurde niet lang totdat men zei: “Dit zijn de dingen die ons als fundamentalisten onderscheiden!” De tweede generatie zei: “Dit is hoe wij een fundamentalist kunnen worden! Geloof in de inspiratie van de Bijbel! Geloof in de godheid van Christus! Geloof in Zijn dood, begrafenis en opstanding! En wordt daardoor een fundamentalist.” Het duurde niet lang totdat in onze generatie het hele verlossingsplan was teruggebracht tot enkele dogma's. Iemand werd beschouwd als christen zodra hij “Aha” kon zeggen op vier of vijf vragen die hem werden gesteld. Als hij op het juiste moment “Aha” wist te zeggen klopte iemand hem op de rug, gaf hem een hand, glimlachte breed en zei: “Broeder, u bent gered!” Dus uiteindelijk was verlossing niets meer dan het instemmen met een schema of een formule, en uiteindelijk werd verlossing voorgesteld als het geluk van de mens omdat het humanisme was binnengedrongen. Als u het verschil tussen het fundamentalisme in tegenstelling tot de vrijzinnigheid van zo'n 100 jaar geleden zou moeten analyseren zoals zij zich ontwikkelden zou de conclusie zijn:

De vrijzinnige zegt dat het doel van religie is de mens gelukkig te maken terwijl hij leeft en de fundamentalist zegt dat het doel van religie is de mens gelukkig te maken wanneer hij sterft.

Maar ook hier was het einddoel van de religie die werd beleden het geluk van de mens. En waar de vrijzinnige zegt: “Door sociale veranderingen en politiek ingrijpen rekenen we af met de sloppenwijken, we rekenen af met alcoholisme en drugsverslaving en armoede. En we gaan er een hemel op aarde van maken en wij maken u blij tijdens uw leven! Wij weten niet wat daarna komt maar we willen graag dat u gelukkig bent tijdens uw leven!” Ze probeerden dit vervolgens te realiseren met slechts een verbijstering als resultaat vanwege de eerste wereldoorlog en een volslagen verbijstering door de tweede wereldoorlog omdat zij dit niet voor elkaar konden krijgen.

En de fundamentalisten, op hun beurt, stemden af op dezelfde golflengte van het humanisme. Zodat wij iets dergelijks tegenkomen als: “Aanvaard Jezus, zodat u naar de hemel kunt gaan! U wilt toch niet naar die oude, vieze, smerige, brandende hel gaan terwijl er daarboven een mooie hemel is? Kom nu tot Jezus zodat u naar de hemel kunt gaan!”

En dit doet net zo'n beroep op het eigenbelang als wanneer een paar mannen, zittend in een koffieshop, besluiten om een bank te beroven om iets voor niets te kunnen krijgen! Er is een manier om een uitnodiging aan zondaars te doen die voor de wereld klinkt als een complot om de zaterdagavond verdiensten van een tankstation mee te nemen zonder er voor te hoeven werken.

Het humanisme is, naar mijn mening, de meest dodelijke en rampzalige van alle filosofische stanken die omhoog zijn gekropen door het traliewerk boven de put van de hel. Het humanisme is massaal doorgedrongen in onze religie. Het is totaal tegengesteld aan het christendom! Helaas beseft men dit maar zelden. En hier hebben wij Micha die een kleine kapel wil hebben met een priester, en hij wil gebeden en hij wil vroomheid, want: “Ik weet dat de Heer mij zal zegenen!” Dit is puur egoïsme! Dit is zonde! En de Leviet komt langs en valt met zijn neus in de boter! Omdat hij een thuis zoekt! Hij wil tien zilverstukken en een mantel en zijn eten! Dus om ervoor te zorgen dat hij kan krijgen wat hij wil en Micha kan krijgen waar hij op uit is doen zij God in de uitverkoop! Voor tien zilverstukken en een mantel. Dit is het ultieme verraad! En dit is het verraad waarmee wij te maken hebben. En ik zou niet weten hoe God het kan doen herleven... totdat we teruggaan naar het christendom, in een totale tegenstelling tot het stinkende humanisme dat in praktijk is gebracht in onze generatie in de naam van Christus.

Ik vrees dat het zo subtiel is dat het overal aanwezig is. Wat is het? In wezen komt het hier op neer! Dat deze filosofische grondregel, dat het doel van het leven het geluk van de mens is, min of meer in evangelische termen en in een bijbelse leer wordt verpakt zodat God in de hemel regeert voor het geluk van de mens, Jezus Christus was vleesgeworden voor het geluk van de mens, alle engelen bestaan voor het geluk van de mens... Alles is ten behoeve van het geluk van de mens! En ik bezweer u dat dit onchristelijk is! Is de mens dan niet gelukkig? Is God niet van plan om de mens gelukkig te maken? Jazeker. Maar dat is een bijproduct en geen hoofddoel!

 

Eerbied voor het leven.

Nu iets over die beste man (zeer bewonderd in de hedendaagse geitenwollen sokken cultuur) daar in Afrika, een zekere dokter Schweitzer, hij is een briljante man, een filosoof, arts, musicus en componist. Ongetwijfeld een briljant mens. Hij zou het echter als een persoonlijke belediging beschouwen als men hem een christen noemt. Hij vindt dat Christus geen waarde heeft voor zijn levensfilosofie. Dokter Schweitzer is een humanist. Dokter Schweitzer zat voorin in zijn boot, varend over de brede rivier de Kongo, op weg naar zijn kliniek terwijl hij keek naar de Belgische regeringsambtenaren die met hun krachtige geweren schoten op de krokodillen die lagen te zonnen op de zandbanken langs de rivier. Zij waren goede scherpschutters. Zij gebruikten dumdum kogels die explodeerden binnenin de krokodillen waardoor ze al tollend omhoog sprongen vanwege het samentrekken van de spieren. U zult zich nu wel afvragen: “Hoe weet u daar zo veel vanaf?” Wel, tot mijn schaamte geef ik toe dat ik ooit hetzelfde deed op de rivier de Nijl. Zij hadden stukken touw aan hun geweren en ze legden daar knopen in zodat ze konden bijhouden hoeveel krokodillen ze al hadden gedood. Een enorme verspilling van dierenleven. Het was daar dat Schweitzer de kern inzag van zijn filosofie. Weet u wat het was? Vier woorden: eerbied voor het leven. Eerbied voor het leven! Krokodillenleven.... menselijk leven en andere vormen van leven.

Mijn vriend George Kline was bij ons vorige week voordat hij terugkeerde naar Afrika waar hij werkt, ongeveer 100 kilometer bij dokter Schweitzer vandaan. Weet u, dokter Schweitzer is zo overtuigd van zijn eerbied voor het leven dat hij niet graag zijn operatiekamer steriliseert. Hij heeft de smerigste operatiekamer in Afrika. Want bacteriën zijn ook leven en hij wil de goede bacteriën niet samen met de schadelijke bacteriën doden dus laat hij ze allemaal gedijen. Zijn orgel ging kapot. Iemand had hem een orgel gegeven zodat hij kon orgelspelen. George Kline is een ervaren organist en orgel reparateur. Hij ging eens op bezoek bij dokter Schweitzer en dokter Schweitzer vroeg hem: “George kun jij mijn orgel repareren?” Hij antwoordde: “Ik denk het wel, laat het me eens proberen.” Dus maakte hij de achterkant open en tot zijn verbazing ontdekte hij een enorm nest kakkerlakken. Met een karakteristiek Amerikaans enthousiasme en ijver begon George de kakkerlakken dood te trappen zodat er niet een zou ontkomen. De dokter kwam aanlopen, terwijl zijn haar vanwege zijn boosheid rechterop stond dan het sinds lange tijd had gedaan, en zei: “Hou daar direct mee op!” George zei: “Waarom? Ze vernielen je orgel.” Hij antwoordde: “Dat geeft niet, ze deden gewoon wat hun natuur hen ingaf.” Hij zei: “Je mag ze niet doden.” Dus kwam een van de jongens binnen en zei: “Niks aan de hand meneer Kline.” Hij pakte ze voorzichtig op, deed ze in een kleine zak, vouwde die dicht, nam de kakkerlakken mee de jungle in en liet ze daar los.

Hier hadden we een man die geloofde in zijn filosofie: eerbied voor het leven. Met een volkomen toewijding! Volstrekt consequent! Zelfs toen het ging om een kakkerlak of een bacterie. Is het u duidelijk? Dit is nu humanisme, tot het uiterste doorgevoerd. Nu vraag ik u: wat is de filosofie van de zending? Wat is de filosofie van evangelisatie? Wat is de filosofie van een christen?

Als u wilt weten waarom ik naar Afrika ging dan zeg ik u dat ik in de eerste plaats ging omdat ik meende de rechtvaardigheid van God te moeten verbeteren. Ik vond het geen goede zaak dat mensen naar de hel gaan zonder een kans te krijgen om gered te worden. Dus ging ik om arme zondaren een kans te geven om naar de hemel te gaan. Ik heb het niet met zoveel woorden gezegd maar als u analyseert wat ik net zei... weet u wat het is? Humanisme! Ik wilde slechts de voorzieningen van Jezus Christus gebruiken als een middel om omstandigheden vol menselijk lijden en ellende te verbeteren. En toen ik in Afrika aankwam ontdekte ik dat zij helemaal geen arme, onwetende, zielige heidenen waren die in de bossen rondrenden om iemand te vinden die hun wilde vertellen hoe ze naar de hemel konden gaan. Ze waren gewelddadige monsters! Ze leefden in een volslagen en totale ongehoorzaamheid aan veel meer kennis over God dan ik ooit voor mogelijk had gehouden!! Ze verdienden de hel!! Omdat ze absoluut weigerden om te wandelen in het licht van hun geweten, in het licht van de wetten die op hun hart waren geschreven en van het getuigenis van de schepping, en van de waarheid die zij kenden. Ik verzeker u dat toen ik daar achterkwam ik zo boos was op God dat ik Hem tijdens een gebed liet weten dat ik het maar een rotstreek vond om mij naar mensen te sturen die er op wachtten om te horen hoe ze naar de hemel konden gaan. Want toen ik er aankwam ontdekte ik dat ze al wisten over de hemel en dat ze er helemaal niet naartoe wilden gaan, dat ze hun zonden liefhadden en die niet wilden opgeven.

Ik ging daar naartoe, gedreven door humanisme. Ik had foto's gezien van melaatsen, ik had foto's gezien van zweren, ik had foto's gezien van heidense begrafenissen en ik wilde niet dat mijn medemensen voor eeuwig moesten lijden in de hel na zo'n miserabel bestaan op aarde. Maar het was daar in Afrika dat God dit vernislaagje humanisme begon weg te scheuren! En het was op die dag in mijn slaapkamer met de deur op slot, dat ik worstelde met God. Want hier was ik, worstelend met het feit dat de mensen van wie ik dacht dat zij onwetend waren en die graag wilden weten hoe ze naar de hemel konden gaan en vroegen: “Kan iemand het ons vertellen”, helemaal niet de tijd wilden nemen om met mij of iemand anders te praten. Ze hadden geen interesse in de bijbel en geen interesse in Christus, en ze hielden van hun zonden en wilden dat zo houden. Ik was op dat moment zo ver dat ik de hele zaak maar een schijnvertoning en een aanfluiting vond! En ik wilde alleen nog maar naar huis terugkeren.

En daar in mijn slaapkamer, terwijl ik God openhartig onder ogen kwam met wat mijn hart bezighield, was het alsof ik Hem hoorde zeggen: “Ja, zou de rechter der ganse aarde geen recht doen? De heidenen gaan verloren. Zij zullen naar de hel gaan, niet omdat zij het evangelie niet hebben gehoord. Ze zullen naar de hel gaan omdat zij zondaars zijn, die hun zonden liefhebben! En omdat zij de hel verdienen. Maar... ik heb je daar niet naartoe gestuurd voor hen. Ik heb je daar niet naartoe gestuurd omwille van hen.” En ik hoorde duidelijker dan ik ooit had gehoord, ook al was het niet met een fysieke stem maar het was de echo van de waarheid van alle tijden die zijn weg vond naar een open hart. Ik hoorde God die dag spreken tot mijn hart: “Ik heb je niet naar Afrika gestuurd omwille van de heidenen, Ik stuurde je naar Afrika omwille van Mij. Zij verdienden de hel maar ik hield van ze! Ik heb de helse pijnen van de hel doorstaan omwille van hen! Ik heb je er niet naartoe gestuurd omwille van hen. Ik stuurde je daar naartoe omwille van Mij! Verdien ik niet de beloning voor mijn lijden? Verdien Ik niet diegenen voor wie Ik stierf?” Dit zette alles op zijn kop. Het veranderde alles. En ik werkte niet langer voor Micha voor tien zilverstukken en een mantel maar ik diende de levende God!

Ik was daar niet omwille van de heidenen. Ik was daar voor de Heiland die de helse pijnen van de hel doorstond omwille van mij terwijl Hij onschuldig was. Maar Hij verdiende de heidenen. Omdat Hij voor hen stierf. Heeft u het door? Laat het me eens voor u samenvatten. Christendom zegt: “Het einddoel van alles dat bestaat is de glorie van God.” Het humanisme zegt: “Het einddoel van alles dat bestaat is het geluk van de mens.” Een ervan is geboren in de hel: de vergoddelijking van de mens. En de andere is geboren in de hemel: de verheerlijking van God! Een is een Leviet die Micha dient en de andere is een hart dat onwaardig is in dienst te staan van de levende God, want dat is de hoogste eer in het universum.

 

Heeft u echt berouw?

Hoe zit het met u? Waarom heeft u berouw? Ik zou graag zien dat men weer berouw heeft op bijbelse gronden. George Whitefield was hiervan op de hoogte. Hij stond op Boston Commons, sprekend tot twintigduizend mensen, en hij zei: “Luister zondaars, jullie zijn monsters, misdadige monsters! Jullie verdienen de hel! En het ergste van jullie misdaden is dat hoewel jullie criminelen zijn, jullie dit zelf helemaal niet doorhebben!” Hij zei: “Als jullie niet huilen vanwege jullie zonden en jullie misdaden tegen een Heilige God, zal George Whitefield voor jullie huilen!” Die man gooide zijn hoofd achterover en hij huilde als een baby. Waarom? Omdat ze naar de hel zouden gaan? Nee! Omdat ze misdadige monsters waren, die geen besef hadden van hun zonden en zich niet druk maakten om hun misdaden. Ziet u het verschil? Ziet u het verschil? Het verschil is dat hier iemand staat te trillen omdat hij zal worden gepijnigd in de hel. Hij heeft geen besef van de enorme omvang van zijn schuld! En geen besef van de enorme omvang van zijn misdaden! En geen besef van zijn beledigingen tegenover God!

Hij trilt alleen maar omdat zijn huid op het punt staat te verschroeien. Hij is bang en ik verzeker u dat hoewel angst goed is om ons voor te bereiden op genade, het geen plaats is om te stoppen. De Heilige Geest stopt daar niet. Dat is de reden waarom niemand Christus kan ontvangen totdat hij berouw heeft. En niemand kan berouw hebben totdat hij is veroordeeld. En veroordelen is het werk van de Heilige Geest, dat een zondaar helpt in te zien... dat hij een misdadiger in Gods ogen is en daarom al Gods toorn verdient. En als God hem naar het diepste deel van de hel zou sturen voor eeuwig plus tien eeuwigheden, dat hij dat alles verdiend heeft! Plus een honderd maal meer. Omdat hij overtuigd is van zijn misdadigheid! Hij is overtuigd van zijn misdadigheid.

Predikers van weleer.

Dit is het verschil tussen de prediking in de twintigste eeuw en de prediking van John Wesley. Wesley was een prediker van rechtschapenheid die de heiligheid van God verheerlijkte. Als hij zijn twee tot drie uur durende preken hield, die hij gewend was te houden in de open lucht, verheerlijkte hij de heiligheid van God en de wet van God, de rechtvaardigheid van God en de wijsheid van Zijn eisen, de rechtvaardigheid van Zijn wraak en toorn en dan wendde hij zich tot de zondaren en liet hun de enorme omvang van hun misdaden zien en die van hun opstandigheid, verraad en anarchie. De kracht van God daalde dan zo krachtig neer op de toehoorders dat bij een gelegenheid (en dit komt uit een betrouwbare bron) de mensen zo werden getroffen dat er 1800 mensen totaal bewusteloos op de grond lagen. Omdat ze een openbaring hadden gekregen van Gods heiligheid en in dat licht was hen de enorme omvang van hun zonden duidelijk geworden. God was zo doorgedrongen tot hun gedachten en harten dat ze waren neergevallen.

Dit gebeurde niet alleen in Wesley's tijd. Dit gebeurde ook in Amerika. In New Haven, Connecticut. Door een man met de naam John Wesley Redfield, tijdens zijn onafgebroken prediking gedurende drie jaar in en rond New Haven, wat leidde tot de grote bijeenkomsten in de Yale Bowl, in de 18e eeuw. De politieagenten waren er in die tijd aan gewend dat wanneer zij iemand op de grond zagen liggen ze aan zijn adem roken. Want wanneer zij alcohol roken sloten ze hem op maar als dat niet het geval was had hij de “Redfield ziekte”. Alles wat ze hoefden te doen wanneer iemand de “Redfield ziekte” had was hem op een rustige plaats achterlaten totdat hij weer bij bewustzijn kwam. Want als ze dronkaards waren stopten ze met drinken, als ze wreed waren hielden ze op wreed te zijn, als ze immoreel waren gaven ze hun immoraliteit op. Als ze dieven waren gaven ze terug wat ze hadden gestolen. Want zij hadden de heiligheid van God gezien en ze hadden de enorme omvang van hun zonden gezien. De Geest van God had hen bewusteloos gemaakt als gevolg van het gewicht van hun schuld. Toen de macht van God zich openbaarde kwamen zondaars tot berouw van hun zonden en zij kwamen tot Christus.

 

Echte bekering.

Maar er was een verschil! Het ging er niet om goede mensen ervan te overtuigen dat zij een probleem hadden met een slechte God! Maar slechte mensen moesten ervan overtuigd worden dat zij de toorn en woede van een goede God hadden verdiend! En het gevolg was berouw, die leidde tot het geloof en leidde tot het leven. Beste vrienden, er is slechts een reden, een reden voor een zondaar om berouw te hebben en dat is omdat Jezus Christus de verering en aanbidding en de liefde en de gehoorzaamheid van zijn hart verdient. Niet omdat Hij naar de hemel zal gaan. Als de enige reden voor uw berouw, beste vriend, is dat u niet naar de hel wilt gaan dan bent u slechts een Leviet die werkt voor tien zilverstukken en een mantel! Meer bent u niet! U probeert God te dienen omdat Hij u goed zal doen! Maar een berouwvol hart is een hart dat iets heeft gezien van de enorme omvang van de misdaad om voor God te spelen en om aan een rechtvaardige God de aanbidding en gehoorzaamheid te onthouden die Hij verdient!

Waarom zou een zondaar berouw hebben? Omdat God de gehoorzaamheid en liefde verdient die hij weigerde Hem te geven! Niet omdat hij dan naar de hemel zal gaan. Als de enige reden voor berouw is dat hij daardoor naar de hemel zal gaan, probeert hij alleen maar om een deal of een overeenkomst met God te sluiten. Waarom zou een zondaar al zijn zonden nalaten? Waarom zou hij uitgedaagd worden dat te doen? Waarom zou hij vergoeding geven wanneer hij tot Christus komt? Omdat God de gehoorzaamheid verdient die Hij van ons vraagt!

Ik heb gesproken met mensen die niet zeker weten of hun zonden zijn vergeven. Zij willen zich veilig voelen, voordat ze bereid zijn om zich aan Christus toe te wijden. Maar ik denk dat de enige mensen die God werkelijk overtuigt door Zijn Geest en die wedergeboren zijn, zijn de mensen, die tot Jezus Christus komen en zoiets zeggen als: “Heer Jezus, ik ga U gehoorzamen en U liefhebben en u dienen en ik zal doen wat U wilt dat ik doe, zolang ik leef, zelfs als ik naar de hel ga aan het einde van de weg, simpelweg omdat u het waard bent om geliefd en gehoorzaamd en gediend te worden. En ik ga geen deal met U sluiten!” Ziet u het verschil? Ziet u het verschil tussen een Leviet die werkt voor tien zilverstukken en een mantel of een Micha die een kapelletje bouwt opdat God hem goed zal doen..... en iemand die berouw heeft tot eer van God.

Waarom zou iemand naar het kruis gaan? Waarom zou iemand de dood aanvaarden, net als Christus? Waarom zou iemand bereid zijn om naar het kruis te gaan en in het graf af te dalen om daarna weer op te staan? Ik zal u vertellen waarom! Omdat dit de enige manier is waarop een mens God de glorie kan geven! Als u denkt dat u er vreugde, vrede, zegen, succes of roem door zult ontvangen dan bent u slechts een Leviet die werkt voor tien zilverstukken en een mantel. Er is slechts een reden voor jou om naar het kruis te gaan beste jongere. En die is: dat zolang je niet een wordt met de dood van Christus jij de Zoon van God de glorie onthoudt die Hij door jouw leven kon ontvangen. Want vlees kan God niet verheerlijken. En totdat u het heiligmakende werk van God door de Heilige Geest heeft begrepen, dat u verenigt met Christus in Zijn dood, begrafenis en opstanding, moet u dienen met wat u heeft. En alles wat u zelf heeft is slechts de doodstraf waard: de menselijke persoonlijkheid, de menselijke natuur, de menselijke kracht en de menselijke energie. God zal daar geen glorie door ontvangen!

Dus de reden voor u om naar het kruis te gaan is niet dat u de overwinning zult ontvangen. U ontvangt uw overwinning heus wel. Het is niet dat u geen vreugde zult ontvangen. U zult vreugde ontvangen. De reden voor u is om het kruis te omhelzen en te volharden tot u weet dat u met Paulus kunt getuigen: “Ik ben gekruisigd met Christus.” Het gaat niet om wat u zult ontvangen maar wat Hij erdoor zal ontvangen, voor de glorie van God. Waarom heeft u niet volhard om de volheid van de Heilige Geest te ontvangen? Waarom heeft u niet volhard om de volheid van Christus te ontvangen? Ik zal u vertellen waarom. Omdat de enige mogelijkheid waardoor Jezus Christus de eer zal ontvangen in een leven dat Hij heeft verlost met Zijn kostbare bloed is wanneer Hij dat leven kan vullen met Zijn aanwezigheid en Zijn eigen leven er door zichtbaar wordt.

De aard van ons geloof was niet dat we net zouden doen alsof, gelijk een Leviet die was ingehuurd om God te dienen. Nee, Nee! De aard van ons geloof was dat we op een punt zijn aangekomen waarop we wisten dat wij niets konden doen, en dat alles dat wij nog kunnen doen is het schip aanbieden en zeggen: “Heer Jezus, U moet het maar vullen. Alles dat gedaan wordt zal door u en voor U moeten worden gedaan.” Maar oh, ik ken zoveel mensen die proberen de volheid van God te leren kennen zodat zij God kunnen gebruiken.

 

God is geen hulpmiddel.

In Huntington, West Virginia kwam een jonge prediker naar me toe. Hij zei: “Broeder Reidhead ik heb een grote kerk. Ik heb een geweldig zondagsschool programma, een groeiende radio evangelisatie, maar ik heb een persoonlijke behoefte en een persoonlijk gemis. Ik heb het nodig met de Heilige Geest gedoopt te worden, ik moet met de Geest vervuld worden. En iemand vertelde mij dat God iets voor u had gedaan, en dus vraag ik me af of u mij kunt helpen?” Ik keek naar de jongeman en weet u op wie hij leek? Op mij! Hij leek precies op mij. Ik zag in hem alles dat in mij was. U dacht misschien dat ik zou gaan zeggen op mij zoals ik ooit was. Nee, als u uzelf ooit goed heeft bekeken dan weet u dat u nooit iets anders zult worden dan u was. Want in mij en mijn vlees woont niets goeds. Hij leek op mij.

Hij was als een knul die in een grote Cadillac komt aanrijden en tegen de pompbediende zegt: “Gooi maar vol kerel, met het hoogste octaangehalte dat je hebt!” Wel, daar leek het dus op. Hij wilde kracht ontvangen voor zijn programma. Maar God is geen hulpmiddel voor iemands idealen. Ik zei: “Het spijt me maar ik denk niet dat ik je kan helpen.” Hij zei: “Waarom niet?” Ik zei: “Ik denk niet dat je er klaar voor bent. Stel jezelf eens voor terwijl je met een Cadillac komt aanrijden. Je sprak over je programma, je had het over je radio, je had het over je zondagsschool en kerk. Erg goed allemaal. Je hebt het geweldig goed gedaan zonder de kracht van de Heilige Geest.”

Dat is wat die Chinese christen zei toen hij terugkwam in China. “Wat heeft de meeste indruk op u gemaakt in Amerika?” Hij zei: “De grote dingen die de Amerikanen voor elkaar krijgen zonder God.” Deze jonge prediker kreeg veel voor elkaar, weliswaar zonder God. Nu wilde hij kracht ontvangen om nog meer voor elkaar te kunnen krijgen. Ik zei: “Nee... nee, jij zit achter het stuur en je zegt tegen God: geef mij kracht zodat ik kan rijden, U hoeft niet te rijden dus U moet opschikken.” Maar ik wist wat deze rakker van plan was, want ik kende mezelf. Ik zei: “Nee, dat zal nooit gebeuren, jij zult op de achterbank plaats moeten nemen.” Ik zag hem al naar voren leunen om het stuurwiel te grijpen. “Nee”, zei ik, “dat wordt niets op de achterbank.” Ik zei: “Voordat God iets voor jou zal doen, weet jij wat je zult moeten doen?” Dus zei hij: “Wat dan?” Ik zei: “Jij moet uit de auto stappen, de sleutels pakken, de kofferbak openen, de sleutels aan de Heer Jezus geven, in de kofferbak stappen, de kofferbak sluiten en door het sleutelgat fluisteren: Heer, gooi hem maar vol met alles wat U wilt en U mag rijden. Vanaf nu heeft U het voor het zeggen.”

Dat is de reden waarom zoveel mensen de volheid van Christus niet kennen. Omdat ze een Leviet willen zijn met tien zilverstukken en een mantel. Ze zijn in dienst van Micha maar ze denken dat als ze de kracht van de Heilige Geest zouden hebben ze de stam Dan zouden kunnen dienen. Dat zal nooit lukken. Het zal nooit lukken. Er is slechts een reden waarom God u nodig heeft en dat is om u zover te krijgen dat u door berouw vergeving heeft ontvangen, tot Zijn heerlijkheid. En door de overwinning is uw oude mens gestorven zodat Hij mag regeren in uw leven. En in de volheid, is Jezus Christus in staat om in uw leven zichtbaar te worden.

Uw houding moet de houding zijn van de Heer zelf, die zei: “Ik kan niets doen uit Mijzelf. Ik kan niet spreken uit Mijzelf. Ik maak geen plannen voor Mijzelf.” Mijn enige reden van bestaan is de glorie van God in Jezus Christus. Als ik u zou zeggen: “Kom om gered te worden zodat u naar de hemel kunt gaan, kom naar het kruis zodat u vreugde en overwinning ontvangt, kom voor de volheid van de Geest zodat u voldoening krijgt”, zou ik in de val van het humanisme trappen. Ik zeg u, beste vriend, als u hier bent zonder Christus, kom dan naar Jezus Christus en dien Hem zo lang u leeft (ook al gaat u naar de hel aan het einde van de weg) want hij is het waardig! Ik zeg u christelijke vriend, kom naar het kruis en vereenzelvig u met de dood van Christus en weet wat de dood van uw oude mens inhoudt, zodat Hij de glorie kan ontvangen. Ik zeg u, dierbare christen, als u de volheid van de Heilige Geest niet kent, kom en bied uw lichaam aan als een levend offer en laat Hem u vullen zodat Hij het doel van Zijn komst in u kan vervullen en glorie ontvangt door uw leven. Het gaat er niet om wat u van God gedaan kunt krijgen, het gaat er om wat Hij in uw leven kan bereiken.

Laten we afrekenen, voor eens en voor altijd, met het opportunistische christendom dat van God een hulpmiddel maakt, in plaats van het glorieuze einddoel dat Hij werkelijk is. Laten we er een punt achter zetten, laten we tegen Micha zeggen dat we er genoeg van hebben. Wij zullen niet langer priesters zijn die werken voor tien zilverstukken en een mantel. Laten we tegen de stam Dan zeggen dat we er genoeg van hebben. En laten we komen en onszelf neerwerpen aan de voeten van de met spijkers doorboorde Zoon van God en Hem vertellen dat we Hem gaan gehoorzamen en Hem liefhebben en Hem dienen zolang wij leven, want hij is waardig!

 

Het Lam dat werd geslacht.

Twee jonge Moravische broeders hoorden van een eiland in West-Indië, waar een Godhatende Britse slavendrijver zo'n 2000 tot 3000 slaven bezat. Deze man had gezegd: “Geen prediker of predikant zal ooit op dit eiland verblijven. Als hij hier door schipbreuk terechtkomt houden we hem in een apart onderkomen totdat hij weer kan vertrekken, maar hij zal nooit met iemand van ons mogen praten over God, ik heb genoeg van al die onzin.” 3000 slaven uit de jungles van Afrika waren naar een eiland in de Atlantische Oceaan gebracht en zouden daar leven en sterven zonder ooit van Christus gehoord te hebben.

Twee jonge Moravische broeders hoorden hiervan. Ze verkochten zichzelf aan de Britse planter en gebruikten het geld dat zij ontvingen voor de verkoop (want hij betaalde hun niet meer dan hij voor iedere slaaf betaalde) om de reis naar dit eiland te betalen, want hij wilde hen zelfs niet transporteren. Toen het schip de haven in Hamburg verliet en de Noordzee opvoer, meegevoerd door het getij, was de Moravische gemeenschap uit Herrenhut gekomen om deze twee jongens te zien vertrekken, zij waren ruim 20 jaar oud. Zij zouden nooit meer terugkeren want dit was geen vierjarig contract. Zij hadden zichzelf veroordeeld tot een levenslange slavernij. Zodat zij als slaven christenen konden zijn en zouden kunnen getuigen tegen de andere slaven.

De familie stond daar te huilen want zij wisten dat ze hen nooit meer zouden terugzien. Zij vroegen zich af waarom ze dit deden en twijfelden eraan of dit wel wijs was. Terwijl de afstand groter werd, zagen de jongemannen de groter wordende afstand. Een jongeman hield de arm van zijn kameraad vast, hief zijn hand op en riep de laatste woorden die ooit van hen werden vernomen. Het waren deze woorden: “Moge het Lam dat werd geslacht de beloning ontvangen voor Zijn lijden!!”

Dit werd de leuze van de Moravische zending. Dit is de enige reden voor ons bestaan: dat het Lam dat werd geslacht de beloning mag ontvangen voor Zijn lijden!

Spreuk:
Het evangelie is veel te ingewikkeld voor volwassenen.
Alleen een kind kan het begrijpen.
(naar Matthéüs 18:3)

P.S.
Mocht je de inhoud van deze pagina op een meer conventionele manier onder de aandacht van andere belangstellenden willen brengen, wees dan zo vrij en print deze pagina.

Bronvermelding